Foto’s!

Hi allemaal,

 

nog een foto update 🙂

De onderste foto’s (denk ik) zijn van het paleis! je ziet de uitgang uit mijn kamer, en de vijver waaraan mijn kamer zit. en het uitzicht over het moslimdorpje en de berg.

Ook heb ik een supermooie, uiteraard groene, scooterhelm gekocht!

De eerste foto’s zijn van de conferentie in Yogyakarta en mijn posterpresentatie en het bezoek aan een heilige plaats.

Het was erg leuk, ik ga er nog over bloggen!

WP_20140622_012 WP_20140622_006 WP_20140622_005 WP_20140622_003 WP_20140621_003 WP_20140613_012 WP_20140618_009 WP_20140619_003 WP_20140620_002 WP_20140618_002 WP_20140613_010 WP_20140613_009 WP_20140613_001

Advertenties

Sanur

WP_20140607_013CIMG4110 CIMG4106 CIMG4101CIMG4117

 

WP_20140610_005              

 

Sanur en Denpasar

Een paar straat- en strandbeelden van Sanur en Denpasar van de eerste week. En een puppy.

 

Alle foto’s zijn binnen een cirkel van ongeveer 5 kilometer genomen. Daarnaast zie je ook de offer-maaltijden voor de verjaardag van Prof Putra Agung, waar ik in een vorige blog over schreef. (Het is een eettafel met schalen erop) Des chalen zijn grote versies van de offers die elke dag overal staan.

Jawel! Een lesje geschiedenis!

Dag allemaal,

Er is sinds ik laatst schreef weer veel gebeurd, maar voordat ik dat allemaal kan vertellen, wil ik eerst uitleggen waar ik precies mee bezig ben. En daarvoor moet ik eigenlijk eerst iets van de geschiedenis van Bali en Karangasem, waar ik nu zit, toelichten. Het is voor mij gelijk een test of ik dit begrijpelijk kan, dus als het onduidelijk is, stel vooral vragen in de ‘opmerkingen’ hieronder!

Het is een beetje een longread geworden. Wil je de kortere versie, skip dan naar de eerste *** of als je nog minder wilt lezen naar de tweede ***.

Bali en de acht radja’s
Bali is een eiland in de Indonesische Archipel, en daarmee sinds 1949 een onderdeel van de republiek Indonesië. In de zestiende eeuw stortte het grote hindoeïstische Majapahit hof op Java (het eiland links naast Bali) in, week uit naar Bali  en richtte in het gebied dat nu Klungkung heet een soort mini-Majapahit in. Hiermee was het hindoeïsme op Bali gevestigd, tegenwoordig is het nog het enige eiland in de archipel dat Hindoeïstisch is. De oorspronkelijke bewoners van Bali vereerden natuurgoden, die vermengd raakten met het hindoeïsme van de invallers, en daarom is Balinees hindoeïsme heel anders dan Indiaas Hindoeïsme! Door het verband met Hindoeïsme hadden vorsten op Bali ook een belangrijke spirituele en charismatische functie.

Bali viel uiteindelijk uiteen in acht koninkrijken, waarvan Karangasem er één was. Deze koninkrijkjes waren altijd bezig met elkaar te bevechten. De koningen (of Radja’s) van Karangasem hadden in de loop van de eeuwen ook nog Lombok (het eiland rechts naast Bali) veroverd en waren zo een belangrijke speler in de machtsstrijd op Bali.

Om het nog gecompliceerder te maken, was er nog een speler in deze oorlogen: de Nederlandse kolonisten. Zij zaten vooral op Java, maar waren wel altijd bezig met handelscontacten verder in de archipel. Bali vonden ze niet interessant genoeg om te veroveren, onder andere omdat ze niet verwikkeld wilden raken in de machtsstrijd tussen de koningen op Bali.

De Nederlanders
Daar kwam verandering in, toen de Engelsman Raffles, de stichter van Singapore, wél interesse toonde in Bali. Naast dat de Nederlanders bang werden dat Engeland haar gebied zou vergroten, en hé, kolonialisme was wel een prestigezaakje, betekende de handel tussen Bali en Singapore ook concurrentie. Lombok had daarbij wél interessante mogelijkheden tot bijvoorbeeld koffieplantages, en zoals we weten, Lombok werd, via een neef, geregeerd door de koning van Karangasem.

Dit alles leidde tot verschillende contracten tussen de koningen van Bali en de Nederlanders uit Batavia, op Java. (Waar dat schip in Lelystad naar heet, tegenwoordig heet de stad Jakarta) De Balinezen zagen de Nederlanders als een potentiële bondgenoot in hun machtsspel, terwijl de Nederlanders de bekende tactiek van ‘verdeel en heers’ uitprobeerden. Sommige vorsten moesten echter hun op knieën worden gedwongen, zoals de vorst van Karangasem. En wie zag er wel wat in om de Nederlanders te helpen? Zijn neef en vazal, de koning van Lombok.

Als dank voor zijn hulp en als vriendschapsgeschenk stellen de Nederlanders, die toch nog steeds niet zoveel met Bali konden, de koning van Lombok als bestuurder van Karangasem aan. Als plaatsvervangend bestuurder, stelde de vorst van Lombok hierop weer drie familieleden aan, waarvan één I Gusti Gede Jelantik heet.

****

Fast forward, de oorlogvoering tussen de Balinese vorsten gaat door, en de Nederlanders springen dan weer in, dan weer niet, terwijl ze zich eigenlijk helemaal niet bezig willen houden met Bali en de oorlogsvoering daar. Ze willen Lombok. Maar de vorst van Lombok werkt niet genoeg mee naar hun zin, en veroorzaakt ook nog onrust door rebellie van zijn Islamitische onderdanen. In de zogenoemde Lombok-expeditie, 1894-5, gaan de Nederlanders de strijd aan met de radja van Lombok, in een coalitie met Balinese vorsten, die altijd wel in zijn voor een oorlog. Eén van die vorsten is de inmiddels alleen overgebleven bestuurder van Karangasem en neef van de koning van Lombok, Gusti Gede Jelantik. Hij vecht niet direct mee, maar is een soort onderhandelaar tussen de onderdanen van Lombok, de vorst van Lombok en de Nederlanders.

Stedehouder Jelantik
Op een dag vraagt Gede Jelantik toestemming om te vertrekken: hij wil zich terugtrekken uit de oorlog. Dit wordt hem in eerste instantie gegeven, maar vlak daarna wordt het Nederlandse kamp in een hinderlaag overvallen. De Nederlanders zijn woest, en er is intern veel discussie: is Gede Jelantik een verrader, omdat hij ongetwijfeld wist van deze aanslag en niets heeft gezegd, of moet hij worden gezien als bondgenoot, omdat hij niet meedeed aan de aanval? Hoe dan ook, zelfs in de Nederlandse kranten (bijvoorbeeld de Leeuwarder Courant!) werd er over Gede Jelantik geschreven. Zelf denk ik dat het een strategische zet van hem was, omdat hij door beide kanten uiteindelijk niet als verrader kon worden gezien.

In de oorlog die volgt, wordt de vorst van Lombok verpletterend verslagen en in ballingschap gestuurd.  De Nederlanders gaan Lombok direct besturen, maar daarmee valt Karangasem ook onder hun bestuur. Ze willen alleen nog steeds niet Bali helemaal incorporeren, en daar komt Gede Jelantik weer om de hoek kijken: hoewel hij nog steeds gewantrouwd wordt, besluit men toch om hem maar weer aan te stellen als bestuurder over Karangasem. Daarvoor bedenken ze een positie die nog nooit in het koloniaal gebied was voorgekomen: Stedehouder (of stadhouderzoals de Oranjes ooit). Dit betekent letterlijk ‘plaatsvervanger’, en de functie van Jelantik was dan ook onafhankelijker dan die van andere vorsten in Nederlands-Indië, die we meestal regenten noemen.

Nu, over deze stedehouder is nog veel meer te schrijven (feitelijk gezien heb ik er namelijk een heel werkstuk over geschreven), maar het komt er in het kort op neer, dat de Nederlanders tijdens zijn bewind vrijwel alle vorsten van Bali onderwierpen. Sommige door diplomatie, anderen door bloedige oorlogen, maar geen één bleef er zo zelfstandig als de Stedehouder van Karangasem. In 1908 wordt heel Bali direct bestuurd, behalve Karangasem. Volgens mij heeft dit vooral te maken met de tactiek van Gede Jelantik, en omdat de Nederlanders hem een capabel persoon vonden, die zijn gebied onder controle had.

Opvolger en oorlog
In 1910 treedt Jelantik af en volgt zijn geadopteerde zoon, en neef, Bagus Jelantik, hem op. De oom kan zijn opvolger nog tot 1916 begeleiden, als hij overlijdt. De neef houdt zich ook goed staande, en blijft stedehouder heten, als enige, maar de Nederlanders krijgen wel steeds meer invloed in heel het koloniaal gebied. De reactie hierop is het groeiende nationalisme in de koloniën en de roep om zelfstandigheid. In 1929 krijgt Karangasem als eerste weer zelfbestuur, en mag de stedehouder zich weer radja gaan noemen. De andere vorsten volgen in 1938. Dit was ook de periode dat het oorlogszuchtige Bali bekend kwam te staan als ‘het laatste stukje paradijs op aarde’ en het een toeristische bestemming werd.

Tijdens de tweede wereldoorlog werd Bali bezet door de Japanners. Daarna kwamen de Nederlanders hun gebied weer opeisen. De radja’s vochten soms mee met de Nederlanders, of soms voor zichzelf, maar in ieder geval altijd tegen de revolutionairen die een onafhankelijk Indonesië wilden. Dit zou namelijk betekenen dat ze hun macht kwijtraakten, en was daarom vooral een poging hun eigen positie te beschermen. Helaas betekende dit dat toen de Republiek Indonesië werd gesticht, veel vorsten werden gezien als verraders. Tijdens het tekenen van de vredesverdragen moest Bagus Jelantik daarom beloven zich voortaan buiten politiek te houden. Dit deed hij en hij richtte zich vooral op kunst en architectuur, waarna hij in 1966 overleed. Zijn functie kon hij niet overdragen, en de familie was haar politieke invloed kwijt, maar het hoofd van de familie heeft nog altijd een ceremoniële functie en de familie blijft van een hoge Kaste in het Kastensysteem van Bali.

***

Dus: het project!

De laatste twee radja’s of stedehouders lieten een paleis bouwen en verbouwen, dat het Puri Agung (grote paleis) heet. Eén van de gebouwen heet ‘Maskerdam’, naar de hoofdstad van Nederland, waarmee zei zich dus verbonden voelden. Ze ontvingen geschenken van koningin Wilhelmina, bijvoorbeeld meubels die er nu nog staan, en schonken ook geschenken terug. Een deel daarvan is nog te vinden in paleis Noordeinde!

In dit paleis ben ik dus. En terwijl het in verval is geraakt, is het opgedeeld onder de zonen van de laatste radja of de tweede stedehouder, waarvan de nakomelingen hier nog altijd wonen of komen, hoewel een groot deel over de hele wereld verspreid is of in Denpasar woont. Om de rijke geschiedenis van Karangasem niet verloren te laten gaan, is er besloten een klein museum op te richten voor de bezoekers die nu al in het paleis komen. Dit zal vooral over de twee stedehouders gaan, maar ook over hoe Karangasem verbonden is met de geschiedenis van Bali, Lombok en het Nederlandse koloniale rijk.

En dat is dus mijn stage! Ik voeg informatie bij elkaar, maak van onder andere bovenstaande geschiedenis een tijdlijn en ga verschillende kamers inrichten met foto’s en informatieve teksten.  Een deel van mijn eigen werkstuk over de eerste stedehouder en de geschenken komt hier ook bij van pas, dus dat is superleuk. Er komen ook wat praktische zaken bij kijken; omdat het paleis gebouwd is op een soort moeras en er dus veel vocht is, wordt de informatie geprint op outdoormateriaal bij een speciale printer. Ik ga bijvoorbeeld met deze mensen overleggen over wat er geprint moet worden. Ik werk hier ook niet alleen aan: verschillende mensen uit de familie werken mee, Rodney werkt eraan, en de vader van Putri, dus nu familiehoofd, controleert of het grofweg klopt wat we opschrijven.

Ik vind het erg leuk om zo direct met de praktijk van geschiedenis te maken te hebben en er tussen te wonen! Voor mijn stage heb ik verschillende mensen bij bijvoorbeeld het Volkenkundig museum in Leiden en het Rijksmuseum benaderd voor informatie over hoe zoiets werkt, dus dat was erg leerzaam, en ook leuk om te merken hoe enthousiast deze mensen hierop reageerden.

Klaar met lezen? Laat maar weten of het nieuw voor je was of niet en vragen of opmerkingen zijn natuurlijk altijd welkom.

Hopelijk tot snel,

Bente

Dari Denpasar ke Karangasem: 9 en 10 juni

[van Denpasar naar Karangasem]

Dinsdag 10 juni

Vandaag was echt een hele leuke dag. Ik zou eigenlijk naar Frankie van de print shop gaan, maar belandde uiteindelijk op het strand van Sanur, waar ik ontzettend ben verbrand. Oeps. In een winkeltje was er ook een hoogtepunt: ik kwam whitenerdeo tegen. Rexona om je oksels te bleken. Kan iemand me uitleggen waarom je dit zou willen?

Uiteindelijk ben ik gaan lunchen en heb ik daar een tijdje gewerkt aan het project en de conferentie waar ik volgende week naar toe ga. Daarna met Rodney overlegd over het project. Ik werd er erg enthousiast van, want het gaat eindelijk een beetje beginnen en ik begin het idee steeds meer te begrijpen. Het was heel interessant om de afgelopen dagen de kennis die ik al in Leiden deels had opgedaan aan te vullen met verhalen uit de familie en het onderzoek van Rodney. Alles krijgt nu een beetje vorm in mijn hoofd, nu nog in het museum.

Ik zal het project in een volgende blog verder uitleggen, voor iedereen (ik denk letterlijk iedereen) die zich afvraagt wat ik hier nu precies aan het doen ben! En waarom ik daarvoor naar een printshop moet.

Na het overleg ging ik mee op familiebezoek bij de vader van Putri. Ik zal het niet nu al gecompliceerd maken, maar dit is één van de zonen van de laatste Raja/vorst van het paleis waar ik naar toe ga. Hij heeft op dit moment nog de ceremoniële functie van vorst/hoofd van de familie. Dit moet je niet zo heftig zien als koning Willem-Alexander, al helemaal niet qua rijkdom, maar meer als een soort erefunctie in het gebied en met name bij ceremonies in de familie. In Indonesië hebben vorsten vaak niet alleen een materieel maar ook een spiritueel of charismatisch overwicht. Dit blijft vaak ook als de officiële functie of rijkdom van de vorst al is verdwenen. Deze man is dus op die manier betrokken bij de Puri (het paleis) en daarnaast is hij professor emeritus (met pensioen) in de geschiedenis van Bali. Voor Rodney en Putri is dit dus een familieproject.

Het was voor mij heel bijzonder deze man te ontmoeten. Hij heeft daarbij ook nog promotieonderzoek gedaan in Leiden, dus dat was leuk. Ik kon niet echt met hem praten omdat ik (nog) geen Indonesisch kan, maar ik kreeg toch wel wat mee. Het was daarnaast zijn naamdag, een soort verjaardag, en daarom waren er offers met fruit en koekjes, die we nu ook zelf gingen opeten.

Woensdag 11 juni: Naar Karangasem!

Gisteren was tevens mijn laatste nachtje in het huis van Rodney en Putri, want vandaag reisden we naar Karangasem! Gisteren was Prof Putra Agung (de professor emeritus) nog heel traditioneel gekleed, vandaag zag ik hem in een spijkerbroek en polo, wat ik erg grappig vond. We kwamen rond twaalf uur aan in het paleis, en daar kreeg ik eerst een korte rondleiding over het terrein en in het paviljoen waar het museumpje komt: Maskerdam (Amsterdam). Heel leuk om de plek die ik al maanden op foto’s van vroeger en nu heb bekeken eindelijk in het echt te zien. Het paleis is verdeeld onder de zonen van de laatste Raja en elk deel van de familie heeft zo een stuk van het paleis als (tweede) woning. Ik heb dus een gastenkamertje in het deel van de professor.

Vandaag over het museumproject overlegd met een aantal familieleden en Tirtagangga bezocht, een waterpaleis (google it, het is prachtig!). Dit samen met Peter, en ander lid van de familie die in Duitsland heeft gewoond en met wie ik dus Duits kan praten. Toll! In Tirtagangga woont ook een deel van de familie, en dus ging het rondje familiebezoek verder. Op deze manier ontmoet ik zoveel mogelijk familieleden en is het voor hen ook duidelijk wie zich met het project bemoeit.

De stad hier is heel leuk en levendig, met vlakbij een soort winkelstraatje waar ik eten heb gehaald. Morgen krijg ik waarschijnlijk een scooter, dus dat wordt ook nog een avontuur, maar zo ben ik een stuk mobieler. Hoewel Bali voornamelijk Hindoeïstisch is, zijn er in dit deel ook een aantal moslimdorpen. Onderaan de heuvel waar dit paleis staat, is er zo één en vanmiddag waren er heel veel gebedsoproepen te horen. Ik voelde me even op een heel ander eiland.

De fauna hier is fascinerend: op de galerij voor mijn deur zitten minstens drie kikkers, en er zijn heel veel hanen (ook voor de hanengevechten) en die zijn terwijl ik dit schrijf allen omstebeurt aan het kukelen.

Nu lieve lezers, kruip ik onder mijn klamboetje en ga ik ervaren hoe het is om in een paleis te slapen. Morgen ga ik de afspraken en plannen die vandaag zijn gemaakt uitwerken en daar zie ik nu al naar uit!

Goede nacht of fijne dag en aan jullie hanen: snaveltjes toe!

Leaving.

4 juni stap ik op het vliegveld naar Bali. Op deze blog zal ik verslag doen van mijn belevenissen. Ik ga meewerken aan het erfgoed-bewaren en museum-maken van het paleis Puri Agung in Karangasem. De stad waar het paleis bij ligt heet Amlapura, in het district Karangasem.